"Logopedisten houden zich bezig met praten."


Alles wat te maken heeft met het begrijpen en gebruiken van gesproken en geschreven taal is onderdeel van het werk van de logopedist. Iedere logopedist wordt breed opgeleid en heeft kennis op het gebied van spraak, taal, stem en gehoor. Zowel kinderen als volwassenen kunnen worden doorverwezen naar een logopedist. Vaak denkt men aan een logopedist als een kind lispelt, slist of stottert. Dat de logopedist wordt ingeschakeld bij stemproblemen, slikproblemen en na herseninfarcten is ook algemeen bekend.

Maar wist u dat sommige logopedisten zich bezighouden met eten, drinken en communiceren ? 

Soms is spreken en/of schrijven niet of nauwelijks mogelijk. Dan worden ondersteunende communicatiemiddelen zoals gebaren, pictogrammen of speciale computerprogramma's ingezet. De logopedist biedt therapie en advies aan mensen die problemen ondervinden bij het communiceren. Daarnaast kunnen er problemen in de mond optreden bij het zuigen, slikken en kauwen. Vaak zeggen ouders dan dat hun kind "veelvuldig teruggeeft”, “zich vaak verslikt” of "weigert te eten" Maar ook volwassenen kunnen problemen met eten en drinken hebben. Ze hebben een brok in de keel, het gevoel dat het eten omhoog komt of verslikken zich vaak. Dit kan het gevolg zijn van neurologische afwijkingen of van bijvoorbeeld een lange periode van sondevoeding. De logopedist draagt zorg voor het ontwikkelen of voor het herstel van deze mondfuncties. Tenslotte houdt de logopedist zich ook nog bezig met preventie en voorlichting.


Mondmotoriek - eten en drinken:

Logopedisten weten alles van de bewegingen van de mond. Hiervoor moeten ze kennis hebben van de spieren, het zenuwstelsel, de prikkelverwerking en de manieren waarop de spieren in het mondgebied samen werken met de spieren van de ademhaling.  

Deze kennis kunnen ze inzetten om hulpvragen te kunnen beantwoorden op het gebied van borstvoeding, flesvoeding, lepelvoeding, kauwen, zuigen, blazen, neus snuiten, hikken, boeren en verslikken. Maar ook op het gebied van articuleren (lispelen, slissen, verminderde verstaanbaarheid), stemgeven (heesheid, schorheid) en stotteren kan de logopedist aan de slag. 


Spraak en taal:

Daarnaast weten logopedisten veel over hoe het brein werkt. Die zorgt voor het richten van de aandacht, het verwerken en opslaan van prikkels en ervaringen, de aansturing van de spieren, de opslag van taal en de onderlinge verbanden. Dat logopedisten hier zo veel over weten is nodig omdat spraak en taal maar een deel is van de gehele communicatie die er tussen mensen plaats vindt.

Alles heeft invloed op de manier waarop we spreken, maar ook op de manier waarop we leren en hoe we taal verwerven (zowel als kind in de ontwikkeling, als na een herseninfarct of hersenletsel). 


Communiceren - voorwaarden en OC (ondersteunde communicatie)

En wat als iemand niet of niet meer kan spreken ? Als het niet duidelijk is hoe het taalsysteem werkt, als iemand het gevoel heeft voortdurend "in een vreemde drukke stad" te moeten leven, waarin iedereen een vreemde taal spreekt ? Ook dan kun je bij de logopedist aankloppen. Zij heeft immers kennis van de communicatie voorwaarden. Wat zijn de eerste stapjes vóórdat je weet hoe taal en spraak werkt ? Hoe bouw je dat langzaam op en wat kan hierbij helpend of ondersteunend werken ?

Soms is het dan nodig om gebruik te maken van gebaren, pictogrammen, foto's, routines en rituelen of zelfs van een spraakcomputer of -app. De gespecialiseerde logopedist weet hier meer van.